De Engelen

OVER ENGELEN IN HET ALGEMEEN

In de zesenzestig boeken van de Bijbel wordt bijna drie­honderdmaal over engelen gesproken. In het enkelvoud komt het woord „engel” tweehonderdmaal voor, ongeveer gelijk verdeeld over het Oude en het Nieuwe Testament. In het meervoud lezen wij circa honderdmaal over engelen. Engelen behoren tot een groep bovennatuurlijke, geestelijke wezens, waarbij men aan verschillende rangen zal moeten denken. Behalve over engelen, spreekt de Bijbel meer dan zestig maal over „cherubs”, die in de strikte zin van het woord géén engelen zijn, want er wordt voor deze wezens een geheel ander woord gebruikt. Deze cherubs, die nauw verwant zijn aan de serafs (zie Jesaja 6 ) zijn geestelijke wezens, die volgens de Schrift gewoonlijk nauw betrokken zijn bij de bewaking en bescherming van de heilige troon van God. Het is mogelijk, dat satan vóór zijn val tot een van deze voorname wezens heeft behoord.

De identiteit van cherubs en serafs is gehuld in een zekere geheimzinnigheid, zodat wij maar weinig bijzonderheden van hen kennen. Dat is niet het geval met de engelen Gods. De mededelingen over hen zijn duidelijk en de Bijbel vertelt heel wat over hun oorsprong, hun natuur en hun arbeid. Ze behoren tot een bepaalde speciale groep van geschapen wezens, voor het menselijk ook gewoonlijk onzichtbaar. De hemel is hun woonplaats maar hun dienst verrichten zij voor een groot deel op aarde.

Hun aantal is zeer groot en zij gaan voortdurend van de hemel naar de aarde en van de aarde naar de hemel als boodschappers van God. Of zij ook op andere planeten leven, zoals weleens beweerd wordt, weten wij niet, maar zij zijn bij de uitoefening van hun taak niet noodzakelijk beperkt tot deze aarde.

Lees verder

(Visited 2 times, 1 visits today)
Updated: 28/05/2017 — 02:18

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

In de hemel is wél bier ! © 2014 Frontier Theme