Categorie: Bijbelstudie

Exodus 10

Achtste plaag: sprinkhanen

Exo 10:1 Daarna zeide de HEERE tot Mozes: Ga in tot Farao; a) want Ik heb zijn hart verzwaard, ook het hart zijner knechten, opdat Ik deze Mijn tekenen in het midden van hen zette;

a) Exo 4:21 En de HEERE zeide tot Mozes: Terwijl gij heentrekt, om weder in Egypte te keren, zie toe, dat gij al de wonderen doet voor Farao, die Ik in uw hand gesteld heb; doch Ik zal zijn hart verstokken, dat hij het volk niet zal laten gaan.
Exo 9:34 Toen Farao zag, dat de regen en hagel, en de donder ophielden, zo verzondigde hij zich verder, en hij verzwaarde zijn hart, hij en zijn knechten.

Exo 10:2 En opdat gij voor de oren uwer kinderen en uwer kindskinderen moogt vertellen, wat Ik in Egypte uitgericht heb, en Mijn tekenen, die Ik onder hen gesteld heb; opdat gijlieden weet, dat Ik de HEERE ben.

Lees verder

Updated: 25/06/2017 — 19:17

Exodus 9

Vijfde plaag: veepest

Exo 9:1 Daarna zeide de HEERE tot Mozes: Ga in tot Farao, en spreek tot hem: Alzo zegt de HEERE, de God der Hebreen: Laat Mijn volk trekken, dat het Mij diene.
Exo 9:2 Want zo gij hen weigert te laten trekken, en gij hen nog met geweld ophoudt,
Exo 9:3 Zie, de hand des HEEREN zal zijn over uw vee, dat in het veld is, over de paarden, over de ezelen, over de kemelen, over de runderen, en over het klein vee, door een zeer zware pestilentie.
Exo 9:4 En de HEERE zal een afzondering maken tussen het vee der Israelieten, en tussen het vee der Egyptenaren, dat er niets sterve van al wat van de kinderen Israels is.
Exo 9:5 En de HEERE bestemde een zekeren tijd, zeggende: Morgen zal de HEERE deze zaak in dit land doen.
Exo 9:6 En de HEERE deed deze zaak des anderen daags; en al het vee der Egyptenaren stierf; maar van het vee der kinderen Israels stierf niet een.
Exo 9:7 En Farao zond er heen, en ziet, van het vee van Israel was niet tot een toe gestorven. Doch het hart van Farao werd verzwaard, en hij liet het volk niet trekken.

Lees verder

Updated: 25/06/2017 — 13:07

Exodus 8

Tweede plaag: kikvorsen

Exo 8:1 Daarna zeide de HEERE tot Mozes: Ga in tot Farao, en zeg tot hem: Zo zegt de HEERE: Laat Mijn volk trekken, dat zij Mij dienen.
Exo 8:2 En indien gij het weigert te laten trekken, zie, zo zal ik uw ganse landpale met vorsen slaan;
Exo 8:3 Dat de rivier van vorsen zal krielen, die zullen opkomen, en in uw huis komen, en in uw slaapkamer, ja, op uw bed; ook in de huizen uwer knechten, en op uw volk, en in uw bakovens, en in uw baktroggen.
Exo 8:4 En de vorsen zullen opkomen, op u, en op uw volk, en op al uw knechten.
Exo 8:5 Verder zeide de HEERE tot Mozes: Zeg tot Aaron(verheven berg, lichtbrenger): Strek uw hand uit met uw staf, over de stromen, en over de rivieren, en over de poelen; en doe vorsen opkomen over Egypteland.
Exo 8:6 En Aaron(verheven berg, lichtbrenger) strekte zijn hand uit over de wateren van Egypte, en er kwamen vorsen op en bedekten Egypteland.

Lees verder

Updated: 25/06/2017 — 13:03

Exodus 7

Exo 7:1 Toen zeide de HEERE tot Mozes: Zie, Ik heb u tot een God gezet over Farao; en Aaron(verheven berg, lichtbrenger), uw broeder, zal uw profeet zijn.
Exo 7:2 Gij zult spreken alles, wat Ik u gebieden zal; en a)Aaron(verheven berg, lichtbrenger), uw broeder, zal tot Farao spreken, dat hij de kinderen Israels uit zijn land trekken laat.

a) Exo 4:14 Toen ontstak de toorn des HEEREN over Mozes, en Hij zeide: is niet Aaron, de Leviet, uw broeder? Ik weet, dat hij zeer wel spreken zal, en ook, zie, hij zal uitgaan u tegemoet; wanneer hij u ziet, zo zal hij in zijn hart verblijd zijn.

Exo 7:3 Doch Ik zal Farao’s hart verharden; en Ik zal Mijn tekenen en Mijn wonderheden in Egypteland vermenigvuldigen.
Exo 7:4 Farao nu zal naar ulieden niet horen, en Ik zal Mijn hand aan Egypte leggen, en voeren Mijn heiren, Mijn volk, de kinderen Israels, uit Egypteland, door grote gerichten.
Exo 7:5 Dan zullen de Egyptenaars weten, dat Ik de HEERE ben, wanneer Ik Mijn hand over Egypte uitstrekke, en de kinderen Israels uit het midden van hen uitleide.

Lees verder

Updated: 25/06/2017 — 12:56

Exodus 6

Exo 6:1 Verder sprak God tot Mozes, en zeide tot hem: Ik ben de HEERE,
Exo 6:2 En Ik ben aan Abraham, Izak, en Jakob verschenen, als God de Almachtige; doch met Mijn Naam HEERE ben Ik hun niet bekend geweest.
Exo 6:3 En ook heb Ik Mijn verbond met hen opgericht, dat Ik hun geven zou het land Kanaan, het land hunner vreemdelingschappen, waarin zij vreemdelingen geweest zijn.
Exo 6:4 En ook heb Ik gehoord het gekerm der kinderen Israels, die de Egyptenaars in dienstbaarheid houden, en Ik heb aan Mijn verbond gedacht.
Exo 6:5 Derhalve zeg tot de kinderen Israels: Ik ben de HEERE! en Ik zal ulieden uitleiden van onder de lasten der Egyptenaren, en Ik zal u redden uit hun dienstbaarheid, en zal u verlossen door een uitgestrekten arm, en door grote gerichten;
Exo 6:6 En Ik zal ulieden tot Mijn volk aannemen, en Ik zal u tot een God zijn; en gijlieden zult bekennen, dat Ik de HEERE uw God ben, Die u uitleide van onder de lasten der Egyptenaren.
Exo 6:7 En Ik zal ulieden brengen in dat land, waarover Ik Mijn hand opgeheven heb, dat Ik het aan Abraham, Izak, en Jakob geven zou; en Ik zal het ulieden geven tot een erfdeel, Ik, de HEERE!
Exo 6:8 En Mozes sprak alzo tot de kinderen Israels; doch zij hoorden naar Mozes niet, vanwege de benauwdheid des geestes, en vanwege de harde dienstbaarheid.
Exo 6:9) Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:
Exo 6:10) Ga heen, spreek tot Farao, den koning van Egypte, dat hij de kinderen Israels uit zijn land trekken late.
Exo 6:11) Doch Mozes sprak voor den HEERE, zeggende: Zie, de kinderen Israels hebben naar mij niet gehoord; hoe zou mij dan Farao horen? a) daartoe ben ik onbesneden van lippen.

Lees verder

Updated: 25/06/2017 — 12:52

Wat is de hemel?

1. Inleiding

Wat is de hemel? Enige tijd geleden werd mij deze vraag gesteld. Daarmee was ik ineens terug in 1960. Toen kwam mijn vaders eerste brochure uit de Morgen-roodreeks uit, met als titel “Wat is de hemel?” In die dagen waren er nogal wat mensen om onze familie heen overleden en mijn vader werd steeds gevraagd waar ze zich bevonden en hoe het daar was. Mijn vader gaf daarop deze brochure uit en een grammofoonplaat: “Daarboven is een heerlijk oord”. Op die plaat stonden liederen die we nu nog zingen en een declamatie van mijn moeder. Het waren uitgaven bedoeld als troost en bemoediging voor degenen die achtergebleven waren. Ze waren bovendien uitgegeven, omdat er ook onder kinderen Gods veel onzekerheid bestaat over wat de Bijbel leert over de hemel.

Ik zal u proberen te laten zien wat de Bijbel over de hemel leert en tegelijkertijd proberen te laten zien waarom daar zoveel misverstand over bestaat. Eén van de problemen is dat men de vraag niet goed verstaat. Men denkt dikwijls dat er gevraagd wordt naar het hiernamaals. Dat is een misverstand. Ik zoek daar nu geen Schriftplaatsen bij op, want die komen we in de loop van de studie vanzelf tegen. Het onderwerp is niet wat het hiernamaals is, maar wat de hemel is. Het hiernamaals is niet de hemel. Het hiernamaals is een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Daarmee wordt niet een nieuwe hemel waar God woont of waar wij naartoe gaan, bedoeld, maar echt nieuwe twee hemelen als onderdeel van de nieuwe schepping.

Lees verder

Updated: 25/06/2017 — 12:10

Exodus 5

Mozes en Aäron voor Farao

Exo 5:1 En daarna gingen Mozes en Aaron(verheven berg, lichtbrenger) heen, en zeiden tot Farao: Alzo zegt de HEERE, de God van Israel: Laat Mijn volk trekken, dat het Mij een feest houde in de woestijn!
Exo 5:2 Maar Farao zeide: a) Wie is de HEERE, Wiens stem ik gehoorzamen zou, om Israel te laten trekken? b) Ik ken den HEERE niet, en ik zal ook Israel niet laten trekken.

a) Job 21:15 Wat is de Almachtige, dat wij Hem zouden dienen? En wat baat zullen wij hebben, dat wij Hem aanlopen zouden? 

b) Exo 3:19 Doch Ik weet, dat de koning van Egypte ulieden niet zal laten gaan, ook niet door een sterke hand.

Exo 5:3 Zij dan zeiden: c) De God der Hebreen is ons ontmoet; zo laat ons toch heentrekken, den weg van drie dagen in de woestijn, en den HEERE, onzen God, offeren, dat Hij ons niet overkome met pestilentie, of met het zwaard.

Lees verder

Updated: 24/06/2017 — 21:47

Exodus 4

Mozes’ tegenstand gebroken.

Exo 4:1 Toen antwoordde Mozes, en zeide: Maar zie, zij zullen mij niet geloven, noch mijn stem horen; want zij zullen zeggen: De HEERE is u niet verschenen!
Exo 4:2 En de HEERE zeide tot hem: Wat is er in uw hand? En hij zeide: Een staf.
Exo 4:3 En Hij zeide: Werp hem ter aarde. En hij wierp hem ter aarde! Toen werd hij tot een slang; en Mozes vlood van haar.
Exo 4:4 Toen zeide de HEERE tot Mozes: Strek uw hand uit, en grijp haar bij haar staart! Toen strekte hij zijn hand uit, en vatte haar, en zij werd tot een staf in zijn hand.
Exo 4:5 Opdat zij geloven, dat u verschenen is de HEERE, de God hunner vaderen, de God van Abraham, de God van Izak, en de God van Jakob.
Exo 4:6 En de HEERE zeide verder tot hem: Steek nu uw hand in uw boezem. En hij stak zijn hand in zijn boezem; daarna trok hij ze uit, en ziet, zijn hand was melaats, wit als sneeuw.
Exo 4:7 En Hij zeide: Steek uw hand wederom in uw boezem. En hij stak zijn hand wederom in zijn boezem; daarna trok hij ze uit zijn boezem, en ziet, zij was weder als zijn ander vlees.
Exo 4:8 En het zal geschieden, zo zij u niet geloven, noch naar de stem van het eerste teken horen, zo zullen zij de stem van het laatste teken geloven.
Exo 4:9 En het zal geschieden, zo zij ook deze twee tekenen niet geloven, noch naar uw stem horen, zo neem van de wateren der rivier, en giet ze op het droge; zo a) zullen de wateren, die gij uit de rivier zult nemen, diezelve zullen tot bloed worden op het droge.

Lees verder

Updated: 23/06/2017 — 14:53

Exodus 3

De roeping van Mozes.

Exo 3:1 En Mozes hoedde de kudde van Jethro, zijn schoonvader, den priester in Midian; en hij leidde de kudde achter de woestijn, en hij kwam aan den berg Gods, aan Horeb.
Exo 3:2 En de Engel des HEEREN verscheen hem in een vuurvlam uit het midden van een braambos; en hij zag, en ziet, het braambos brandde in het vuur, en het braambos werd niet verteerd.
Exo 3:3 En Mozes zeide: Ik zal mij nu daarheen wenden, en bezien dat grote gezicht, waarom het braambos niet verbrandt.
Exo 3:4 Toen de HEERE zag, dat hij zich daarheen wendde, om te bezien, zo riep God tot hem uit het midden van het braambos, en zeide: Mozes, Mozes! En hij zeide: Zie, hier ben ik!
Exo 3:5 a) En Hij zeide: Nader hier niet toe; trek uw schoenen uit van uw voeten; want de plaats, waarop gij staat, is heilig land.

a) Jos 5:15 Toen zeide de Vorst van het heir des HEEREN tot Jozua: Trek uw schoenen af van uw voeten; want de plaats, waarop gij staat, is heilig. En Jozua deed alzo.

Exo 3:6 Hij zeide voorts: b) Ik ben de God uws vaders, de God van Abraham, de God van Izak en de God van Jakob. En Mozes verborg zijn aangezicht, want hij vreesde God aan te zien.

Lees verder

Updated: 23/06/2017 — 11:27

Exodus 2

De geboorte van Mozes.

Exo 2:1 En a) een man van het huis van Levi ging, en nam een dochter van Levi.

a) Exo 6:19 En Amram nam Jochebed, zijn moei, zich tot een huisvrouw, en zij baarde hem Aaron en Mozes; en de jaren des levens van Amram waren honderd zeven en dertig jaren.
Num 26:59 En de naam der huisvrouw van Amram was Jochebed, de dochter van Levi, welke de huisvrouw van Levi baarde in Egypte; en deze baarde aan Amram, Aaron, en Mozes, en Mirjam, hun zuster.

Exo 2:2 b) En de vrouw werd zwanger, en baarde een zoon. Toen zij hem zag, c) dat hij schoon was, zo verborg zij hem drie maanden.

b) 1Kr 23:13 De kinderen van Amram waren Aaron en Mozes. Aaron nu werd afgezonderd, dat hij heiligde de allerheiligste dingen, hij en zijn zonen, tot in eeuwigheid, om te roken voor het aangezicht des HEEREN, om Hem te dienen en om in Zijn Naam tot in eeuwigheid te zegenen.
Act 7:20 In welken tijd Mozes werd geboren, en was uitnemend schoon; welke drie maanden opgevoed werd in het huis zijns vaders.

c) Heb 11:23 Door het geloof werd Mozes, toen hij geboren was, drie maanden lang van zijn ouders verborgen, overmits zij zagen, dat het kindeken schoon was; en zij vreesden het gebod des konings niet.

Exo 2:3 Doch als zij hem niet langer verbergen kon, zo nam zij voor hem een kistje van biezen, en belijmde het met lijm en met pek; en zij leide het knechtje daarin, en leide het in de biezen, aan den oever der rivier.
Exo 2:4 En zijn zuster stelde zich van verre, om te weten, wat hem gedaan zou worden.
Exo 2:5 En de dochter van Farao ging af, om zich te wassen in de rivier; en haar jonkvrouwen wandelden aan den kant der rivier; d) toen zij het kistje in het midden van de biezen zag, zo zond zij haar dienstmaagd heen, en liet het halen.

Lees verder

Updated: 23/06/2017 — 11:21

Exodus 1

Israëls verdrukking in Egypte.

Exo 1:1 Dit nu zijn de namen der zonen van Israel, a) die in Egypte gekomen zijn, met Jakob; zij kwamen er in, elk met zijn huis.

a) Gen 46:8 En dit zijn de namen der zonen van Israel, die in Egypte kwamen: Jakob en zijn zonen. De eerstgeborene van Jakob: Ruben.
Exo 6:13 Dit zijn de hoofden van ieder huis hunner vaderen: de zonen van Ruben, den eerstgeborene van Israel, zijn Hanoch en Pallu, Hezron en Charmi; dit zijn de huisgezinnen van Ruben.

Exo 1:2 Ruben, Simeon, Levi, en Juda;
Exo 1:3 Issaschar, Zebulon, en Benjamin;
Exo 1:4 Dan en Nafthali, Gad en Aser.

Lees verder

Updated: 23/06/2017 — 11:16

Genesis 7

De zondvloed

Gen 7:1 Daarna zeide de HEERE tot aNoach: Ga gij, en uw ganse huis in de ark; want bu heb Ik gezien rechtvaardig voor Mijn aangezicht in dit geslacht.

a) 2Pe 2:5 En de oude wereld niet heeft gespaard, maar Noach, den prediker der gerechtigheid, zijn achttal bewaard heeft, als Hij den zondvloed over de wereld der goddelozen heeft gebracht;

b) Gen 6:9 Dit zijn de geboorten van Noach. Noach was een rechtvaardig, oprecht man in zijn geslachten. Noach wandelde met God.

Gen 7:2 cVan alle rein vee zult gij tot u nemen zeven en zeven, het mannetje en zijn wijfje; maar van het vee, dat niet rein is, twee, het mannetje en zijn wijfje.

Lees verder

Updated: 23/06/2017 — 11:01
Pagina 1 van 3123
In de hemel is wél bier ! © 2014 Frontier Theme